REIZEN NAAR MORGEN : een nieuwe toekomst voor de voormalige Sint-Godelieveabdij
02/02/2020

PERSCONFERENTIE – Vlaams pilootproject in Brugge: samenwerking met Toerisme Vlaanderen verenigt sites Godelieveabdij en Kapucijnenklooster, vrijdag 20 december 2019, 15.00 uur (Boeveriestraat, ingang Kapucijnenklooster)
 
Toerisme Vlaanderen heeft Stad Brugge benaderd met de vraag om tot een samenwerking te komen voor de sites Sint-Godelieve-abdij en het Kapucijnenklooster, beide gelegen in de Boeveriestraat. Bedoeling is om, gelet op de complementariteit van beide sites, een sterk totaalproject te realiseren waarbij zinvol wordt omgesprongen met waardevol religieus erfgoed. De verdere invulling en noodzakelijke concretisering van het pilootproject voor Vlaanderen zal in samenspraak gebeuren met alle betrokken partijen, waaronder ook de buurtbewoners.

 
Stad Brugge verkreeg in 2016 een erfpacht van de vzw Camino op de Sint-Goedelieveabdij. Deze erfpacht loopt af in 2066. Aan de overzijde van de Boeveriestraat wordt het Kapucijnenklooster te koop aangeboden. Al zo’n anderhalf jaar geleden lieten de paters Kapucijnen aan de gebruikers van het klooster en de bijbehorende gebouwen weten dat ze het domein willen verlaten omdat de gemeenschap van de Kapucijnen de voorbije jaren te klein geworden was om het grote klooster te blijven bewonen.
 
Toerisme Vlaanderen vraagt of Stad Brugge bereid is om het Kapucijnenklooster aan te kopen om het vervolgens via een erfpacht ter beschikking te stellen aan Toerisme Vlaanderen. Daarnaast zou Toerisme Vlaanderen de bestaande erfpachtovereenkomst van de Sint-Godelieve-abdij overnemen van Stad Brugge. “Bovendien zou Toerisme Vlaanderen ook instaan voor alle renovatie- en/of restauratiekosten zodat dit voor Stad Brugge een budgetneutrale operatie is. Uiteraard zullen deze ingrepen gebeuren met het grootste respect voor de ziel van deze plekken en hun erfgoedwaarde”, zegt burgemeester Dirk De fauw.
 
“Als stadsbestuur engageren we ons om mee te stappen in dit project. Zo kunnen beide sites, die zowel qua ligging als qua indeling complementair zijn, een waardevolle invulling krijgen voor Brugge als kunst- en erfgoedstad. Bovendien kunnen we met dit pilootproject in Vlaanderen als rolmodel dienen voor wat betreft het zinvol omspringen met waardevol religieus erfgoed.”
Bijkomende troef voor Stad Brugge is dat via dit project de beide kloostertuinen een zo permanent mogelijke openstelling krijgen. Het gaat hier zowel om de tuin van de Sint-Godelieve-abdij als de tuin van het Kapucijnenklooster. “Dit is een duidelijke eis van de Stad en er is overeengekomen dat dit nu verder met Toerisme Vlaanderen zal geconcretiseerd worden”, zegt burgemeester Dirk De fauw.
 
“Een vierde van het Brugse grondgebied bestaat uit historisch religieus erfgoed van kerken en kloosters. Zo waren er in de 17de eeuw bijna 40 kloosters met grote tuinen in de stad aanwezig. Deze hebben een ongelooflijke stedenbouwkundige erfenis achtergelaten. Zo is de Godelieve abdij 1,1 hectare; de Kapucijnensite is 0,34 hectare. Als stad willen we met Toerisme Vlaanderen ernstig nadenken over hoe deze erfenis verder zinvol ingevuld zal worden. Verkaveling door projectontwikkelaars is voor het stadsbestuur alvast niet aan de orde. De twee nabije en complementaire sites krijgen straks een openbare maatschappelijke invulling.”
 
Huidige situatie Kapucijnenklooster
Wat wordt precies aangekocht? Het betreft een 19e eeuws kloostercomplex tussen de Boeveriestraat, de Klokstraat, de Maagdenstraat en de Hauwerstraat. Omdat het klooster te groot is voor de aanwezige religieuze gemeenschap, wenst de orde het te verkopen. De site die te koop wordt aangeboden bestaat uit de kerk en klooster en de tuinen.
 
Een uitdrukkelijke voorwaarde gekoppeld aan de verkoop is dat er, voor de periode van de af te sluiten erfpachtovereenkomsten met Toerisme Vlaanderen of haar eventuele rechtsopvolger(s), een exclusief en kosteloos gebruiksrecht gekoppeld wordt aan de ‘Franciscuszaal’ die zich bevindt in het verlengde van het pand Boeveriestraat 16. Dit omdat Boeveriestraat 16 (wordt niet verkocht) en het koorhuis van het Fiorettikoor in de praktijk een eenheid vormen. Om sluitend te garanderen dat zowel het Fiorettikoor als de Tau-werking (twee werkingen die ingekanteld zijn in de orde Minderbroeders Kapucijnen) ook in de toekomst onder dezelfde voorwaarden als deze die ze nu hebben hun werking kunnen verder zetten werd tijdens de onderhandelingen akkoord gegaan met de toekenning van het langdurig exclusief en kosteloos gebruiksrecht aan de Kapucijnen. Ook werd ingestemd met het feit dat er, gekoppeld aan het gebruik van voormelde lokalen, drie parkeerplaatsen aan de achtergevel van dat stuk mogen blijven, met de garantie dat die parkeerplaatsen (logischerwijs) bereikbaar blijven.
 
Reactie broeder Adri Geerts, overste van de Vlaamse kapucijnen
“Voor ons minderbroeders-kapucijnen is de verkoop van het klooster in de Boeveriestraat en het verlaten van dit klooster binnen een aantal maanden, geen eenvoudig gebeuren. Het betekent het einde van een eeuwenlange, talrijke en vruchtbare aanwezigheid in Brugge. In geen andere stad zijn de Vlaamse kapucijnen zo talrijk aanwezig geweest als in Brugge. Het kapucijnenklooster in de Boeveriestraat strekte zich vroeger uit langs de Maagdenstraat tot aan de hoek van de Hauwerstraat. Velen zullen zich herinneren dat er  tot 1968 ook een kapucijnenklooster was in de Clarastraat. Aan de Komvest werd door de kapucijnen de schippersschool opgericht. Ook daar woonde een kleine gemeenschap van kapucijnen. Buiten Brugge  op de weg naar Sijsele was er het Centrum Ryckevelde, een centrum voor Europese en internationale vorming dat in 1956   gesticht werd door een kapucijn Karel Verleye. Ook daar woonden vele decennia enkele kapucijnen. Wij kijken met dankbaarheid terug op die rijke geschiedenis. Omdat wij  echter steeds kleiner in aantal geworden zijn, rest ons geen andere keuze dan het klooster in de Boeveriestraat te verlaten.    
                                                                                         
Bij de beslissing om Brugge te verlaten en het klooster te verkopen, was het voor ons belangrijk dat met dit religieus erfgoed, niet gelijk wat zou gebeuren. Wij hoopten dat de gebouwen stille getuigen zouden kunnen blijven van een rijke kapucijnentraditie en van de franciscaanse spiritualiteit die er beleefd werd.   
 
Het klooster wordt verkocht aan de stad Brugge en deze zal het, samen met de Godelieveabdij in erfpacht geven aan Toerisme Vlaanderen. Hoewel wij nog weinig zicht hebben op de concrete invulling van het project dat Toerisme Vlaanderen in samenwerking met de stad Brugge op de site van de Godelieveabdij en onze site hoopt te ontwikkelen, hebben wij er vertrouwen in dat het kloostergebouw  franciscaanse eenvoud mag blijven ademen.
 
De kapucijnen zullen Brugge verlaten. Maar toch niet helemaal. Wij zijn tevreden dat we het exclusief gebruiksrecht van de Franciscuszaal behouden. Dat was voor ons een essentiële voorwaarde bij de verkoop. Zo kunnen we het Fiorettikoor dat bijna 50 geleden door een kapucijn Geert Staarink werd gesticht de mogelijkheid geven om te blijven groeien en bloeien. Het koor bestaat momenteel uit 65 jongeren. Zij vinden er niet alleen ontspanning maar ook persoonlijke ondersteuning op velerlei vlak. Ook kunnen zo  mensen die geboeid zijn door de franciscaanse spiritualiteit (de Tau-werking) met of zonder ons bijeenkomsten blijven organiseren  die geïnspireerd zijn door de geest van Franciscus van Assisi, onze stichter.”
 
Reactie Toerisme Vlaanderen
De centrale vraag met betrekking tot het toerisme van de toekomst is de volgende: hoe kan toerisme mee zorgen voor evenwicht tussen wat bewoners, bezoekers en ondernemers belangrijk vinden? In Brugge, één van Vlaanderens toeristische kroonjuwelen, stelt die vraag zich in grotere scherpte en wellicht met meer urgentie. Om er voor te zorgen dat toerisme een positieve kracht blijft, en mensen gastvrij bezoekers in hun hart blijven sluiten, moeten we de ziel van de plek vrijwaren en sterker laten spreken. Bijvoorbeeld door het DNA van Brugge goed te analyseren en aan de slag te gaan met het religieus erfgoed, dat bijna een kwart van het Brugse grondgebied beslaat en natuurlijke stilteplekken vormt. Of nog, door verder te denken dan de eigen stadsmuren en de Brugge-beleving open te trekken naar het ruimere ommeland. Dat Brugge deze inzichten in zijn beleidsplannen naar voor schuift, getuigt van maturiteit en verstand. Brugge zal voor zijn inspanningen in Toerisme Vlaanderen een gewillige partner vinden. In eerste instantie nu door beide kloostersites met mekaar te verbinden omdat ze mekaars sterkten en zwakten perfect aanvullen.
 
Toerisme Vlaanderen wil, samen met de stad Brugge, een onderzoek- en ontwikkeltraject voor de sites opzetten. Daarbij is niet vooraf bepaald hoe ze worden ingevuld, maar er zal geluisterd worden naar de noden van de lokale gemeenschap, de potentiële bezoeker en de lokale ondernemers. Van daaruit distilleren we oplossingen die een antwoord bieden op de vraag hoe we een evenwichtig verhaal kunnen brengen waar ontmoeting voorop staat en waar alle partijen beter van worden. Renovaties, restauraties of verbouwingen zullen gebeuren met het grootste respect voor de ziel van deze plekken en voor hun erfgoedwaarde. We vertrekken vanuit de concrete behoeften als motivatie eerder dan een strikt conservatorische benadering. Toerisme Vlaanderen zal in dit proces samenwerken met lokale ontwerpers die vertrouwd zijn met de stad en zal in alle fases de stad nauwgezet blijven betrekken.
 
“Vlaanderen bezit tal van kloosters en kerken,” zegt Vlaams minister van Toerisme Zuhal Demir. “Stuk voor stuk zijn het verborgen pareltjes in onze steden. Velen hebben hun originele, religieuze functie verloren. Vanuit het Vlaams toerismebeleid wil ik bijdragen aan de herwaardering van deze sites.  Met dit project geeft Toerisme Vlaanderen alvast het voorbeeld hoe deze herwaardering concreet vorm kan krijgen. Ik hoop dat het een impuls en inspiratie kan zijn voor de vele andere religieuze erfgoedsites in Vlaanderen.” 
 
Reactie Brugge Foundation
“Brugge Foundation was al enige tijd op zoek naar een passende herbestemming voor de Sint-Godelieve-abdij. Het was en is de ambitie van de Brugge Foundation om een volledige herbestemming van de site te kunnen realiseren, met één duidelijke projectregisseur/verantwoordelijke en met als eerste en belangrijkste uitgangspunt om “de ziel van de plek” maximaal te respecteren en als inspirerend element mee te nemen in het herbestemmingsverhaal. Dit is een zeer moeilijk proces omdat naast de uitzonderlijke rijkdom en waarde van het onroerend en roerend erfgoed van de Sint Godelieve-abdij vooral de ziel van deze site een hoge graad van kwetsbaarheid heeft. Geen makkelijke opdracht dus.
 
Velen kwamen langs met voorstellen, sommige waren inspirerend, maar was er onvoldoende financiële draagkracht. Andere mikten vooral op louter commerciële ontwikkeling, evenwel zonder ook maar enige garantie op behoud van de kernkwaliteiten van deze voormalige abdij. Geen enkel voorstel had de allesomvattende kracht van de ideeën die zich nu aandienen vanuit het voorstel van Toerisme Vlaanderen.
 
We waren zeer enthousiast toen we begin 2019 van Peter De Wilde de interesse van Toerisme Vlaanderen en hun visie rond een mogelijke toekomstige ontwikkeling van de Sint-Godelieveabdij, in een samenhang met het klooster van de paters Kapucijnen, mochten vernemen. Onze raad van bestuur besliste om dit initiatief waar mogelijk ook te ondersteunen. Een indruk van wat de toekomst van beide sites zou kunnen worden, kregen we naar aanleiding van het congres ‘Reizen naar Morgen’ dat hier in het najaar door Toerisme Vlaanderen werd georganiseerd en waar de principes van dat ‘reizen’ een eerste keer konden worden uitgetest.
 
We danken de stad voor het vertrouwen dat zij had in Brugge Foundation en vooral dat zij de keuze heeft gemaakt om niet over te gaan tot fragmentarische invulling van de Sint-Godelieve abdij. Toerisme Vlaanderen, en haar mogelijke partners, krijgen nu alle kansen om een pilootproject uit te werken. De Brugge Foundation is bereid om, indien gewenst, samen met Toerisme Vlaanderen te werken aan het vooropgestelde project. We hebben tal van inzichten opgebouwd over de site en haar gebruik en kunnen deze met veel plezier delen. Alles wijst op een versterkende samenwerking.
 
Voor de Brugge Foundation stopt het dus niet. Het betekent wel dat de ongelooflijke hoeveelheid energie die het tijdelijk beheer heeft benomen van onze werking, binnen afzienbare tijd kan vrijkomen voor andere projecten in Brugge.”
 
Tot slot: een dankwoord
Burgemeester Dirk De fauw: “Een van de volgende stappen die we zullen zetten is het oprichten van een beheersorgaan in functie van het project van Toerisme Vlaanderen. Als stadsbestuur zullen we daarin zeker vertegenwoordigd zijn om mee te kunnen sturen en beslissen. Mijn oprechte dank gaat uit naar minister Zuhal Demir en haar dienst Toerisme Vlaanderen, de Vlaamse Kapucijnen en het bestuur van het Fiorettikoor.”

VERTEL OVER ONS OF DEEL OP

U hebt de juiste keuze gemaakt door te investeren in succes

OF KIES EEN POPULAIR BEDRAG

Ik geef Brugge Foundation toestemming mijn naam bekend te maken als schenker.

Elke gift is welkom op onze rekening BE59 5230 8078 6426 bij Triodos Bank (BIC TRIOBEBB).